Inleiding
Belastingheffing is geregeld in de Grondwet en is alleen toegestaan op basis van een wet die door de regering en de Staten Generaal is vastgesteld. Ten aanzien van de gemeentelijke belastingheffing is het de Gemeentewet waarin is bepaald welke belastingen geheven mogen worden. De raad besluit tot het invoeren, wijzigen of afschaffen van een gemeentelijke belasting middels het vaststellen van een belastingverordening.
In het kader van de heffing van gemeentelijk belastingen heeft gemeente Amersfoort de volgende doelstellingen:
- lasten die reëel zijn bij het voorzieningenniveau van een stad als Amersfoort;
- het kostendekkend opleggen van rioolheffing, afvalstoffenheffing en rechten (retributies).
Beleidskader / algemene uitgangspunten
De (woon)lasten zijn reëel en passen bij het voorzieningenniveau van Amersfoort. Voor de heffingen (afvalstoffenheffing en rioolheffing) en rechten (gemeentelijke dienstverlening tegen betaling, zoals leges) geldt het streven naar 100% kostendekkendheid. De tariefaanpassingen zijn daarmee een resultante van de kostenontwikkelingen.
Conform de kaderbrief 2027-2030 zijn de belastingopbrengsten trendmatig verhoogd met 2,5%. De financiële effecten die voortvloeien uit het college uitvoeringsprogramma zijn niet opgenomen in deze begroting. Bij de vaststelling van de belastingverordeningen 2027 zal hiermee rekening moeten worden gehouden.
Overzicht belastingen en heffingen
De belangrijkste belastingen, heffingen en rechten (retributies) die door onze gemeente worden geheven, zijn:
· onroerendezaakbelastingen (OZB);
· afvalstoffenheffing;
· rioolheffingen;
· precariobelasting;
· hondenbelasting;
· toeristenbelasting;
· parkeerbelasting;
· rechten.
Tot de rechten die geheven worden behoren de leges en daarnaast de marktgelden, de haven- en liggelden en de begraafplaatsrechten.
Tenslotte wordt er in de binnenstad, Euterpeplein en Neptunusplein ook reclamebelasting geheven. De opbrengst van de reclamebelasting komt ten goede aan de ondernemersfondsen in het betreffende gebied ten behoeve van de kwaliteitsversterking van het gebied. De gemeente genereert met de reclamebelasting dus geen eigen inkomsten.
Lokale lastendruk
De woonlasten omvatten het totaal van de gemiddelde aanslag onroerendezaakbelasting eigenaar woningen (OZB), de rioolheffing en de afvalstoffenheffing voor één- en meerpersoonshuishoudens.
De ontwikkelingen in de OZB, de rioolheffing en de afvalstoffenheffing worden in het volgende overzicht weergegeven. Voor de berekening van de OZB 2027 is uitgegaan van een gemiddelde WOZ-waarde van € 498.000 (waardepeildatum 1 januari 2025). In de begroting 2026 gingen we nog uit van een gemiddelde WOZ-waarde van € 441.000 (waardepeildatum 1 januari 2024).
Rekening houdend met de loon- en prijsontwikkeling neemt de lokale lastendruk voor de inwoners toe. Voor eenpersoonshuishoudens stijgt de gemiddelde lastendruk met € 22. Ook voor meerpersoonshuishoudens stijgt de gemiddelde lastendruk met € 22.
De stijging van de afvalstoffenheffing is het gevolg van demografische ontwikkelingen, waardoor het aantal huishoudens achter is gebleven ten opzichte van de raming. Het aantal eenpersoonshuishoudens blijft toenemen ten opzichte van het aantal meerpersoonshuishoudens. Tevens is sprake van een tegenvallende areaaluitbreiding; de groei van de stad is achtergebleven bij de raming. Dit heeft ook zijn weerslag op de rioolheffing. Ook hiervoor geldt dat naar 100% kostendekkendheid gestreefd wordt. We laten de rioolheffingstarieven gelijk opgaan met de stijging van de kosten. De stijging van de OZB wordt veroorzaakt door de trendmatige verhoging van 2,5% en een verlaging van de OZB opbrengst met € 300.000,- vanwege de eerdere tijdelijke verhoging van de OZB voor knooppunt Hoevelaken, een correctie van een aantal grote WOZ-objecten van het hogere niet-woningen tarief naar het lagere woningen tarief naar aanleiding van verwerkte jurisprudentie en de tegenvallende areaaluitbreiding.
Tabel: PL.01 Lastenontwikkeling inwoners
(x € 1,--)
EENPERSOONSHUISHOUDENS | BEGROTING 2026 | BEGROTING 2027 | GROEI % | GROEI € |
|---|---|---|---|---|
Rioolheffing-gebruikersdeel | 70 | 72 | 2,30% | 2 |
Afvalstoffenheffing | 301 | 297 | -1,16% | -3 |
Lasten gebruikers | 371 | 369 | -0,50% | -2 |
OZB-eigenarendeel | 476 | 497 | 4,52% | 21 |
Rioolheffing-eigenarendeel | 86 | 88 | 2,30% | 2 |
Lasten eigenaren | 562 | 585 | 4,18% | 23 |
LASTEN EIGENAREN/BEWONERS | 933 | 955 | 2,32% | 22 |
MEERPERSOONSHUISHOUDENS | BEGROTING 2026 | BEGROTING 2027 | GROEI % | GROEI € |
Rioolheffing-gebruikersdeel | 70 | 72 | 2,30% | 2 |
Afvalstoffenheffing | 416 | 413 | -0,69% | -3 |
Lasten gebruikers | 486 | 484 | -0,26% | -1 |
OZB-eigenarendeel | 476 | 497 | 4,52% | 21 |
Rioolheffing-eigenarendeel | 86 | 88 | 2,30% | 2 |
Lasten eigenaren | 562 | 585 | 4,18% | 23 |
LASTEN EIGENAREN/BEWONERS | 1.048 | 1.070 | 2,12% | 22 |
In de tabel worden afgeronde bedragen weergegeven. De groeipercentages en -totalen zijn berekend over niet afgeronde bedragen . Bijv. groei lasten gebruikers eenpersoonshuishoudens zijn €-1,87 (afgerond €-2) en groei lasten eigenaren/bewoners eenpersoonshuishoudens zijn €21,61 (afgerond €22)
Vergelijking woonlasten
Voor de vergelijking van de woonlasten vergelijken we onszelf met andere gemeenten met dezelfde omvang als Amersfoort. Hierbij maken we gebruik van de gegevens van Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden (COELO). We maken hierbij onderscheid tussen één en meerpersoonshuishoudens en tussen eigenaren van woningen en huurders. Voor eigenaren van woningen is de lastendruk hoger dan het gemiddelde van de vergelijkbare gemeenten. Voor huurders is de lastendruk lager dan het gemiddelde van de vergelijkbare gemeenten.
Tabel: PL.01A Atlas Lokale Lasten Coelo 2026
(x € 1,--)
EIGENAAR - BEWONER | EENPERSOONS-HUISHOUDEN | MEERPERSOONS-HUISHOUDEN |
|---|---|---|
Apeldoorn | 1.024 | 1.039 |
Arnhem | 1.077 | 1.205 |
Haarlem | 963 | 1.162 |
's-Hertogenbosch | 815 | 883 |
Utrecht | 1.085 | 1.216 |
Zaanstad | 1.059 | 1.059 |
Zwolle | 852 | 934 |
Amersfoort | 1.068 | 1.183 |
HUURDERS | EENPERSOONS-HUISHOUDEN | MEERPERSOONS-HUISHOUDEN |
Apeldoorn | 438 | 452 |
Arnhem | 376 | 504 |
Haarlem | 324 | 523 |
's-Hertogenbosch | 341 | 410 |
Utrecht | 404 | 564 |
Zaanstad | 692 | 692 |
Zwolle | 245 | 326 |
Amersfoort | 351 | 466 |
Overzicht raming belastingopbrengsten
Tabel PL.02 geeft een overzicht van de geraamde belastingopbrengsten per belastingsoort over de periode 2027-2030. De verschillende belastingsoorten worden hieronder verder uiteengezet.
Tabel: PL.02 Overzicht geraamde belastingopbrengsten
REKENING 2025 | BEGROTING 2026 | BEGROTING 2027 | RAMING 2028 | RAMING 2029 | RAMING 2030 | |
|---|---|---|---|---|---|---|
Hondenbelasting | 836 | 841 | 862 | 862 | 862 | 862 |
OZB | 60.644 | 63.531 | 66.007 | 67.638 | 68.344 | 68.958 |
Precariobelasting | 175 | 187 | 191 | 191 | 191 | 191 |
Toeristenbelasting | 1.494 | 1.389 | 1.581 | 1.581 | 1.581 | 1.581 |
Afvalstoffenheffing | 25.579 | 27.070 | 26.879 | 25.876 | 25.788 | 25.788 |
Rioolheffing | 16.879 | 17.641 | 18.054 | 18.212 | 18.234 | 18.234 |
TOTAAL | 105.607 | 110.659 | 113.574 | 114.360 | 115.000 | 115.614 |
Onroerende-zaakbelasting (OZB)
Algemeen
Van binnen de gemeente gelegen onroerende zaken wordt onder de naam ‘onroerende-zaakbelastingen’ (OZB) twee directe belastingen geheven:
- een belasting van degene die een onroerende zaak die niet in hoofdzaak als woning dient, bij het begin van het kalenderjaar al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebruikt (gebruikersbelasting);
- een belasting van degene die bij het begin van het kalenderjaar het genot heeft van een onroerende zaak krachtens eigendom, bezit of beperkt recht (eigenarenbelasting).
De gebruikersbelasting wordt uitsluitend geheven over niet-woningen en de eigenarenbelasting over zowel woningen als niet-woningen.
Tariefontwikkeling
Uitgangspunt is dat de (woon)lasten reëel zijn en passen bij het voorzieningenniveau van Amersfoort. Daarom wordt de waardeontwikkelingen van woningen en niet-woningen via de tarieven gecompenseerd.
De nieuw vast te stellen WOZ-waarden voor de heffing OZB 2027 worden gebaseerd op de WOZ-waarden met waardepeildatum van 1 januari 2026. Bij de berekening van de (voorlopige) nieuwe OZB tarieven 2027 is uitgegaan van de WOZ-waarden 2026 (waardepeildatum 1 januari 2025), het OZB tarief van 2026, de trendmatige verhoging van 2,5%, een verlaging van de opbrengst met € 300.000 en een correctie van een aantal grote WOZ-objecten van niet-woningen naar woningen naar aanleiding van toegepaste jurisprudentie. De hier bedoelde jurisprudentie betrof de omzetting van voormalige niet-woningobjecten waarin gewoond wordt en waarvan het woondeel meer dan 70% van de WOZ-waarde bedraagt. Deze objecten worden nu aangeslagen voor het lagere woning tarief, hetgeen resulteert in een lagere OZB voor eigenaren en het wegvallen van het OZB tarief voor gebruikers van deze objecten. Voorheen werd voor deze objecten nog wel OZB voor het gebruik opgelegd tegen het niet-woning tarief, maar dan alleen voor het deel van de waarde dat niet onder de woondelenvrijstelling viel.
De waardemutaties verdisconteren we in de berekening van de tarieven om de totale belastingopbrengst op een gelijk niveau te houden. De totale opbrengst zal dan nog stijgen met de 2,5% reguliere peilaanpassing, de bouwkundige uitbreidingen, (beperkte) nieuwbouw, de overige areaaluitbreidingen en verminderen met € 300.000 vanwege knooppunt Hoevelaken. Voor knooppunt Hoevelaken was eerder een tijdelijke verhoging van de OZB doorgevoerd.
Nadat in medio oktober minstens 70% van de objecten getaxeerd is en er meer zicht op de daadwerkelijke waardemutatie komt, is de waardemutatie nauwkeuriger te bepalen. Daarna kunnen de definitieve tarieven worden berekend.
Herwaardering
Zodra medio december 2026 90% van de woningen en de niet-woningen getaxeerd is, kan bij de Waarderingskamer een verzoek worden ingediend om in 2027 te mogen beschikken en eind januari 2027 de OZB aanslagen op te leggen.
Bij de vaststelling van de verordeningen OZB en rioolheffing gaan wij nader in op de uitkomsten van de herwaardering en zullen dan eveneens de nieuwe gemiddelde WOZ-waarde opnemen.
Samenwerking met inwoners en bedrijven
Wij streven naar een zo goed mogelijke herwaardering, vertrouwen op deze waardering en streven naar een zo beperkt mogelijk aantal bezwaarschriften. Daarom zet de gemeente maximaal in op informeel contact tussen inwoner en taxateur. Dit informele contact geeft de inwoner de mogelijkheid om met de taxateur te overleggen over de totstandkoming van de WOZ-waarde. Ook wanneer de aanslag/WOZ-beschikking al is opgelegd en de inwoner of het bedrijf hierover vragen heeft, of als hij het niet eens is met de waarde. Dat past in een informelere benadering van geschilsituaties. Immers, een juridisch juiste duiding van een geschil, betekent niet automatisch dat een probleem is opgelost. Er zijn ook andere mogelijkheden om te zorgen voor effectieve geschilbeslechting. Het grote voordeel voor inwoners en bedrijven is dat zij niet per definitie bezwaar hoeven maken om tot een oplossing te komen. Zo lossen we samen een probleem op en voorkomt het directe contact dat inwoners en bedrijven de stap naar een No-cure-no-pay bureau (NCNP) maken.
Is de aanslag eenmaal verstuurd, dan start het invorderingsproces. Dit invorderingsproces heeft als doel de belastingschulden zo volledig mogelijk te innen. Het is daarbij beleid van de gemeente Amersfoort om zo snel mogelijk in contact te komen met degenen die om diverse redenen de belastingschuld niet kunnen betalen en met hen afspraken te maken en zo nodig door te verwijzen naar maatschappelijke instanties zoals de schuldhulpverlening. Daarvoor wordt, op het moment dat er niet is betaald na de aanmaning, een extern bureau ingezet om belastingschuldigen telefonisch te benaderen. Op die manier worden onnodige dwanginvorderingskosten voor de inwoner zoveel mogelijk vermeden. Ook wordt er op de website van de gemeente, en door de medewerkers van het Klantcontactcentrum (KCC), verwezen naar mogelijkheden voor betalingsregelingen en het opnemen van contact. Er wordt soepel omgegaan met betalingsregelingen en zoveel mogelijk meegedacht met inwoners en bedrijven.
Afvalstoffenheffing
Algemeen
De gemeente is verplicht om huishoudelijke afvalstoffen in te zamelen. Ter bestrijding van de daaraan verbonden kosten kan door de gemeente een afvalstoffenheffing worden ingesteld.
De afvalstoffenheffing mag ten hoogste kostendekkend zijn. Het beleid van volledige kostendekking zetten wij ook in 2027 voort. De toegepaste heffingssystematiek met twee tarieven, een (lager) tarief voor eenpersoonshuishoudens en een (hoger) tarief voor meerpersoonshuishoudens, wordt ook in 2027 gehanteerd.
Kostenontwikkelingen
De lasten voor het ophalen en verwerken van afvalstoffen stijgen door inflatie, uitbreiding van het aantal aansluitingen en een verhoging van de CO2-heffing voor afvalverbrandingsinstallaties door het Rijk. Daar tegenover staat de financieel technische verwerking van ombuigingsmaatregel BH13.1 (Invoeren Diftar vanaf 2027 i.c.m. kostendekkende tarieven milieu-brengstation en ophalen grofvuil en tuinafval vanaf 2026 ) ter waarde van € 1,025 miljoen, waardoor per saldo de afvalstoffenheffing daalt. Dit is een financieel technische verwerking omdat er nog geen keuze is gemaakt tussen de bezuinigingsmaatregel BH13.1 en BH13.A (Verlagen niveau wijkonderhoud, minder lichtmasten en minder speel- en sporttoestellen in combinatie met kostendekkende tarieven milieubrengstation en ophalen grofvuil en tuinafval).
Zie voor een uitgebreidere analyse ook het kopje 'Wat mag het kosten' bij programma 3 Bedrijvigheid in de Meerjarenbegroting 2027-2030. In tabel PL.03 is de uitsplitsing van de kostenbasis opgenomen.
Tabel: PL.03 Kostenbasis afvalstoffenheffing
AFVALVERWERKING | BEGROTING 2026 | BEGROTING 2027 |
|---|---|---|
AVU | 6.896 | 6.670 |
ROVA | 12.659 | 12.417 |
Zwerfafval | 1.448 | 1.498 |
Compensabele BTW | 4.189 | 4.167 |
Oninbaar | 93 | 49 |
Kwijtschelding | 1.436 | 1.369 |
Overige kosten | 2.026 | 2.090 |
Opbrengst oud papier en PMD | -1.677 | -1.381 |
TOTAAL AFVALVERWERKING | 27.070 | 26.879 |
Overige kosten gespecificeerd: | ||
Diensten van derden | 621 | 637 |
Kapitaallasten | 261 | 260 |
Lasten voor inning (incl. loonindexering) | 269 | 275 |
Directe en indirecte lasten | 398 | 408 |
Overhead | 477 | 510 |
TOTAAL OVERIGE KOSTEN | 2.026 | 2.090 |
Tarieven
De afvalstoffenheffing gaat in 2027 omlaag. Het tarief van een eenpersoonshuishouden daalt van € 300,96 in 2026 naar € 297,48 in 2027. Het tarief van een meerpersoonshuishouden daalt van € 415,68 in 2026 naar € 412,80 in 2027. Deze daling is het gevolg van demografische ontwikkelingen, waardoor het aantal huishoudens gelijk is gebleven ten opzichte van de raming. Tevens is sprake van een tegenvallende areaaluitbreiding; de groei van de stad is achtergebleven bij de raming. De kostenbasis is licht gedaald.
Rioolheffing
Algemeen
Onder de naam rioolheffing kan op grond van de Gemeentewet een belasting worden geheven ter bestrijding van de kosten die voor de gemeente verbonden zijn aan de inzameling en transport van huishoudelijk- en bedrijfsafvalwater, de inzameling en verwerking van hemelwater en grondwaterbeheer. De rioolheffing is evenals de afvalstoffenheffing geen belasting, waardoor de heffing ten hoogste kostendekkend mag zijn. Ook bij de rioolheffing wordt het beleid van volledige kostendekkendheid gehandhaafd.
Voor de rioolheffing geldt dat de aanslag is gebaseerd op de WOZ-waarde van de onroerende zaak. De hoogte van de tarieven is daarom afhankelijk van de uitkomst van de herwaardering. Evenals bij de OZB is de ontwikkeling van de WOZ-waardes niet relevant voor de hoogte van de gemiddelde aanslag. De eerder genoemde waardeontwikkelingen worden in de tarieven verdisconteerd.
Kostenontwikkelingen
De kosten van kwijtscheldingen, oninbaarverklaringen en het grondwaterbeheer zitten in deze heffing verwerkt, als ook een deel van de kosten voor straatreiniging/zwerfafval. De meeste kostenposten stijgen door inflatie. In tabel PL.04 is de uitsplitsing van de kostenbasis opgenomen.
Tabel: PL.04 Kostenbasis rioolheffing
RIOLERING | BEGROTING 2026 | BEGROTING 2027 |
|---|---|---|
Storting spaarcomponent in voorziening | 6.670 | 6.670 |
Kwijtschelding | 167 | 184 |
Oninbaar | 50 | 37 |
Straatreiniging | 905 | 936 |
Beheer wegen- en watergangen | 1.021 | 1.047 |
Compensabele BTW | 2.545 | 2.607 |
Overige kosten | 6.283 | 6.573 |
TOTAAL RIOLERING | 17.641 | 18.054 |
Overige kosten gespecificeerd: | ||
Diensten derden | 2.935 | 3.121 |
Rova | 1.716 | 1.759 |
Lasten voor inning (incl. loonindexering) | 269 | 275 |
Dienstverlening wijkbeheer | 536 | 549 |
Directe en indirecte lasten | 370 | 379 |
Overhead | 457 | 490 |
TOTAAL OVERIGE KOSTEN | 6.283 | 6.573 |
Herwaardering
Zodra medio december 2026 90% van de woningen en de niet-woningen getaxeerd is, kan bij de Waarderingskamer een verzoek worden ingediend om in 2027 te mogen beschikken en eind januari 2027 de OZB aanslagen op te leggen.
Tarieven
Op dit moment is de waardemutatie van de onroerende zaken nog niet bekend. Nadat medio oktober minstens 70% van de objecten getaxeerd is en er meer zicht op de daadwerkelijke waardemutatie komt, kan de waardemutatie nauwkeuriger worden bepaald. Daarna kunnen de definitieve tarieven worden berekend. Verder is sprake van een tegenvallende areaaluitbreiding; de groei van de stad is achtergebleven bij de raming.
De kostenbasis wordt gevolgd en de tarieven stijgen voor 2027 met 2,3%.
Precariobelasting
Precariobelasting wordt geheven ter zake van het hebben van voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond. Voorwerpen op gemeentegrond die belast worden zijn bijvoorbeeld kabels en leidingen (behoudens van nutsbedrijven), terrassen, bouwmaterialen, zonneschermen, luifels, lichtreclames en vlaggen.
De tarieven precariobelasting worden voor 2027 trendmatig verhoogd met 2,5%.
Overige belastingen en rechten
Hondenbelasting
Hondenbelasting wordt geheven ter zake van het houden van een hond. De belasting wordt geheven over het aantal honden dat iemand houdt.
De tarieven hondenbelasting worden voor 2027 trendmatig verhoogd met 2,5%.
Toeristenbelasting
Toeristenbelasting wordt geheven ter zake van het houden van verblijf binnen de gemeente door personen die niet als ingezetene met een adres in de gemeente in de basisregistratie personen zijn ingeschreven. De toeristenbelasting wordt geheven over het aantal overnachtingen in het belastingjaar.
Het tarief voor de toeristenbelasting wordt voor 2027 verhoogd van € 5,53 naar € 6,14 per overnachting. Het betreft een ombuigingsmaatregel. Dit is een verhoging van 11%.
Parkeerbelasting
In het kader van de parkeerregulering worden onder naam parkeerbelasting een belasting geheven ter zake van het parkeren van een voertuig en een belasting ter zake van het verlenen van een vergunning voor het parkeren van een voertuig. Heffing en invordering van de parkeerbelastingen zijn in handen van de Coöperatie ParkeerService U.A.
Conform de motie 2025-036M worden de parkeerbelastingen in 2027 niet verhoogd.
Kwijtschelding van belastingen
De gemeente kan op grond van de wet gehele of gedeeltelijke kwijtschelding verlenen als een belastingschuldige niet in staat is om anders dan met buitengewoon bezwaar een belastingaanslag geheel of gedeeltelijk te betalen.
Of kwijtschelding wordt verleend hangt af van de betalingscapaciteit en het vermogen van de belastingschuldigen. Bij de bepaling daarvan houden wij rekening met 100% van de kosten van levensonderhoud zoals die normatief zijn opgenomen in de landelijke richtlijnen voor het kwijtscheldingsbeleid. Van de mogelijkheid om lagere normen (90% of 95%) te hanteren is bewust geen gebruik gemaakt teneinde ruimhartige kwijtschelding te kunnen verlenen. Ook ondernemers kunnen voor kwijtschelding van de privé-aanslag in aanmerking komen. Aan bijstandsgerechtigden, inwoners die uitsluitend een AOW-uitkering hebben en ondernemers met een BBZ-uitkering is in de regel geautomatiseerd kwijtschelding verleend.
Kwijtschelding is mogelijk voor de OZB, de afvalstoffenheffing, de rioolheffing en de hondenbelasting (max.1 hond). Iedereen die het afgelopen jaar kwijtschelding kreeg, hoeft geen nieuw verzoek om kwijtschelding in te dienen. De gemeente handelt daar proactief door met verleende toestemming van belastingschuldigen gegevens te laten toetsen bij h et Bureau InformatieDiensten Nederland . De goedgekeurde aanvragen krijgen automatische kwijtschelding. Degenen die zijn afgewezen krijgen een verzoek om aanvullende gegevens aan te leveren. Voor deze groep wordt maatwerk toegepast.
Retributies
Rechten kunnen worden geheven ter zake van het gebruik van voor de openbare dienst bestemde gemeentebezittingen, werken of inrichtingen die bij de gemeente in beheer of in onderhoud zijn, het genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten en vermakelijkheden als de gemeente daaraan op enige manier medewerking verleend.
Leges zijn rechten die geheven worden wegens het genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten. De diensten waarvoor door gemeente Amersfoort leges geheven wordt zijn opgenomen in de bij de legesverordening behorende tarieventabel. Het betreft een scala van diensten die variëren van het verstrekken van paspoorten en rijbewijzen, het verlenen van omgevingsvergunningen tot en met het verlenen van evenementenvergunningen.
Voor de heffingen van leges geldt het uitgangspunt van 100% kostendekkendheid. De tarieven moeten zodanig worden vastgesteld dat de geraamde baten niet uitgaan boven de geraamde lasten terzake.
REKENING 2025 | BEGROTING 2026 | BEGROTING 2027 | RAMING 2028 | RAMING 2029 | RAMING 2030 | |
|---|---|---|---|---|---|---|
Leges algemene dienstverlening | 3.905 | 2.976 | 3.111 | 3.113 | 3.113 | 3.113 |
Leges dienstverlening en besluiten i.h.k.v. de Omgevingswet | 6.028 | 6.144 | 6.406 | 6.447 | 6.473 | 6.531 |
Leges dienstverlening vallend onder de dienstenrichtlijn | 375 | 393 | 410 | 413 | 415 | 418 |
Markt-, haven- en kadegeld | 587 | 566 | 581 | 581 | 581 | 581 |
Begraaf- en crematierechten | 6.410 | 5.415 | 6.694 | 6.778 | 6.796 | 6.805 |
TOTAAL | 10.895 | 10.079 | 10.508 | 10.554 | 10.582 | 10.643 |
Leges
De legesverordening bestaat uit drie hoofdstukken. Binnen hoofdstuk 1 (Leges algemene dienstverlening) en 2 (Leges dienstverlening en besluiten in het kader van de Omgevingswet) is kruissubsidiëring mogelijk en mag de opbrengst maximaal 100% kostendekkend zijn. Voor hoofdstuk 3 (Leges dienstverlening vallend onder dienstenrichtlijn) geldt een kostendekkendheid van 100% binnen de paragraaf. Uitgangspunt is de originele begroting op basis waarvan de dekking en tarieven zijn bepaald. Bij de realisatie wordt uitgegaan van de capaciteit die is begroot. Dit komt omdat er geen uren worden geschreven en capaciteit in de begroting gedurende het jaar (nauwelijks) wordt bijgesteld. Het (eventueel) bijstellen van capaciteit gebeurt bij het opstellen van de nieuwe kostenramingen in het opvolgende jaar.
Leges algemene dienstverlening
Voor de leges met betrekking tot algemene dienstverlening geldt dat we uitgaan van 100% kostendekkendheid. Dit gaat onder meer om leges in verband met de uitgifte van reisdocumenten (paspoort, identiteitskaart), rijbewijzen en huwelijken en geregistreerde partnerschappen. De verschillende tarieven zijn opgenomen in de Legesverordening Amersfoort 2026. Voor 2027 zijn deze leges geïndexeerd met een prijsindex van 2,5%. Ten opzichte van 2026 zijn zowel de baten als de lasten met dit percentage gestegen.
Leges dienstverlening en besluiten in het kader van de Omgevingswet
Voor de leges met betrekking tot omgevingsvergunningen geldt dat we op begrotingsbasis uitgaan van 100% kostendekkendheid. De verschillende tarieven zijn opgenomen in hoofdstuk twee van de Legesverordening Amersfoort 2026. Voor 2027 zijn deze legesbaten geïndexeerd in lijn met de gestegen kosten. Ten opzichte van 2026 zijn zowel de baten als de lasten gestegen. Op verzoek van de raad leggen we eind 2026 de resultaten van het onderzoek naar de feitelijke kostendekkendheid van hoofdstuk twee van de legesverordening aan hen voor.
Leges dienstverlening vallend onder dienstenrichtlijn
Voor de leges met betrekking tot vergunningen die onder de dienstenrichtlijn vallen, zoals onder andere de horecavergunningen, geldt dat we uitgaan van 100% kostendekkendheid. De verschillende tarieven zijn opgenomen in hoofdstuk drie van de Legesverordening Amersfoort 2026. Voor 2027 zijn deze legesbaten geïndexeerd in lijn met de gestegen kosten. Ten opzichte van 2026 zijn zowel de baten als de lasten gestegen. De feitelijke kostendekkendheid van hoofdstuk drie wordt momenteel onderzocht en aan de raad gepresenteerd zodra de resultaten bekend zijn.
Marktgeld, haven- en kadegeld
Voor de markt-, haven- en kadegelden geldt dat we uitgaan van 100% kostendekkendheid. De verschillende tarieven zijn opgenomen in de Verordening marktgeld en de Verordening haven- en kadegeld. Voor 2027 zijn deze leges geïndexeerd met een prijsindex van 2,5%. Ten opzichte van 2026 zijn zowel de baten als de lasten met dit percentage gestegen.
Begraaf- en crematierechten
Ook voor de begraaf- en crematierechten geldt dat we uitgaan van 100% kostendekkendheid. De verschillende tarieven zijn opgenomen in de Verordening begraaf- en crematierechten Amersfoort.
Ten opzichte van 2026 zijn de baten fors gestegen. Dit komt omdat er voor 2026 eenmalig een bedrag van € 1,228 miljoen was opgenomen als omzetderving bij Rusthof als gevolg van de renovatie en verduurzaming van de Torenzaal. Hierdoor was er voor 2026 geen sprake van 100% kostendekkendheid.
